1995 Onze 4e trip door Noord Amerika 

01-Hudson-River-vanaf-Manhatten-naar-AlbanyDeze keer maken we een reis van zes weken door Noord Amerika. De laatste weken willen we gaan aansluiten met een georganiseerde reis met de Stichting ‘In de voetsporen’. Deze trip begint en eindigt in Albany  state New York. Om aan het eind van de reis bij de groep te kunnen blijven huurden wij in Albany voor de eerste vier weken een auto. We begonnen onze reis in Amerika vanaf Kennedy Airport in New York City op zaterdag 12 augustus 1995.

Vanaf Kennedy Airport naar het treinstation namen we een taxi. Dat begon meteen al goed. In een gele taxi door deze wereldstad racen, met aan het stuur een cap driver die weet hoe je zo snel mogelijk en toch ongeschonden door het verkeer moet komen. Het was al een belevenis en heel apart. Aan de taxi te zien was deze er door de jaren heen trouwens toch niet zonder een schrammetje afgekomen. Er waren momenten dat we wel zo’n twintig gele taxi’s dicht bij ons in de buurt zagen. Daarvan waren er altijd wel een paar driftig aan het toeteren als de taxidriver van mening was dat een andere taxidriver zich niet aan de regels hield. Wij kwamen echter zonder kleerscheuren bij het treinstation.

02-Lighthouse-in-de-Hudson-RiverVervolgens reden we met de trein ruim 250 kilometer langs de Hudsonriver naar de stad Albany, de hoofdstad van de state New York. We zochten daar het motel Ramada Inn Albamy waar later deze reis ook onze medereizigers van ‘In de voetsporen’ zouden arriveren. Ik dacht altijd dat New York City de hoofdstad van de state New York was, dit is dus fout. New York blijkt alleen vanaf 1784 tot 1790 de hoofdstad van Amerika te zijn geweest. George Washington stond op 30 april 1789 hier op het balkon van het Capitool toen hij als eerste president van Amerika zijn ambtseed heeft afgelegd.

Albany is de hoofdstad, ook geen kleine stad trouwens. Wij namen maar weer een taxi om ons naar het vliegveld te laten brengen, waar we een auto huurden bij Avis. We huurden de car voor precies vier weken en we mochten er net zoveel miles mee rijden als we zelf wilden, zodat we later niet voor minder leuke verrassingen zouden komen te staan als we meer miles hadden gereden dan we begroot hadden. Airconditioning is standaard, dat is ook onmisbaar trouwens als het buiten constant hoger is dan 30°C. We reden in noord-westelijke richting naar Watertown, om langs de oostelijke kant van de Lake Ontario heen, Canada in te rijden.

Canada

04-Canada-to-WinghamIn Ontario reden we over de highway 401, naar het westen en na een paar honderd kilometer kwamen we in Carrying Place, waar mijn nicht Roelie Kikkert en haar man Henk Kiers een Campground beheren aan een baai van het grote Ontariomeer. De volgende dag gaan we zo’n vierhonderd kilometer, weer over dezelfde highway en voorbij Toronto, naar neef Arend Kikkert in Ingersoll. Niet ver daar vandaan, in London woont Evert en in Aylmer wonen Morris en Frank. Weer een paar honderd kilometer verderop in Wingham wonen Jaap en Henk en dan nog weer een paar honderd kilometer verder woont Harm. We kregen bij elk een 05-Canada-place-Winghamnacht onderdak en hebben de oudste neef Henk ontmoet bij Evert, hij woont in Chilliwack in British Columbia en was op bezoek in Ontario. Zo hebben we weer negen van de kinderen van oom Harm Kikkert en tante Fem Thalen ontmoet. Er zijn weer oude herinneringen opgehaald van vroeger, toen de wereld voor ons nog een stuk kleiner was. We hebben elkaar ook weer beter leren kennen. Alleen Margriet nog niet, zij woont ook in British Columbia in Kelowna. Het is wel eigenaardig dat in Nederland tegenwoordig zoveel mensen zijn, die hun moedertaal, hun streektaal laten vallen.

06-Huron-RoadDe immigranten wonen daar al ruim 43 jaar en de jongsten zijn daar geboren. Ze spreken de taal die ze van hun ouders leerden, nog alsof ze in Nieuw Balinge wonen. Het zijn echter Canadezen geworden en ze spreken hun moedertaal alleen als ze iemand ontmoeten die, net als zijzelf, nog graag de moedertaal gebruiken. Het blijkt dus steeds weer dat de ‘moederstaal’ nooit uit je geheugen gaat. Dit blijkt nog duidelijker omdat zij nog vaak Drentse woorden gebruiken, waarvoor wij op een of andere manier een ‘beschaafder'(?) woord zijn gaan gebruiken. Verder is in Canada alles ruim en groot, ook de huizen en de auto’s en zelfs de portemonnees.

Bij Sarnia gingen we de grens over naar Amerika en reden Michigan binnen. 

07-rechts-van-ons-Lake-HuronAl weer gewend aan de grote afstanden afleggen bezochten we in Grand Rapids Stewart en Nell Kuiper. De grootouders van Stewart Kuiper zijn Hendrik Kuiper en Jantje Bos. Die woonden aan het Zuideropgaande in Hollandscheveld, toen ze in 1892 de overstap naar Iowa Noord-Amerika waagden met hun kinderen. Het is de Kuipers aardig goed gegaan in noord-west Iowa, maar Stewart en zijn broer John verhuisden zo’n 15 jaar geleden van Orange City Iowa naar Grand Rapids. Inmidels hebben zij hun aannemersbedrijf aan hun zoons overgedaan. Samen met Stewart en Nell Kuiper hebben we de rest van de familie Kuiper in Grand Rapids bezocht.

08-over-de-Bluewater-bridge-naar-AmerikaWij hebben ze van Drenthe en van Hollandscheveld verteld. Alleen heel vaag kunnen zich nog herinneren dat hun grootouders/overgrootouders ooit over Hollandscheveld en Drenthe hebben gesproken.  Wat ze zich wel heel goed kunnen herinneren is, dat ze hebben verteld, dat het hard en zwaar werken in de old country. Ook dat de mensen daar heel vaak ziek waren en dat er altijd weinig te eten was. Omdat het er niet naar uitzag dat het ooit beter zou worden, zijn ze, net als veel kennissen en familieleden, naar Amerika gegaan. In Amerika moest ook hard gewerkt worden, maar het grote verschil was dat er altijd goed en genoeg eten was. Stewart vond het geweldig om samen met mij en de vlag van Hollandscheveld op de foto te gaan. 09-Stewart-en-Nell-KuiperHij wilde de vlag kopen, maar ik had meer plannen met de vlag. Daarom werden enthousiast meerdere foto’s van de vlag genomen.

We hadden dit jaar graag weer op bezoek gewild bij Mrs. Jennie de Leeuw, maar ze is in 1993 overleden. Wel hebben we met de andere leden van de familie Kuiper weer meer gegevens kunnen uitwisselen en nu weet ik nog meer over de 100 jaar wel en wee van de familie Kuiper in Amerika. Wisseling van de lotgevallen in 100 jaar, heel veel lief maar ook veel leed. In Spring Lake bezochten we George Teunis. Met hem wisselde ik al enige jaren brieven uit over zijn en mijn voorouders in Hoogeveen en omstreken. Zijn overgrootmoeder is Aaltje Toeten, de familienaam was eigenlijk Smand, zij is geboren in Hollandscheveld in 1832, zij is een dochter van Gerrit Roelofs Toeten (Smand) en Annigje Geerts Zwiep. Omdat George Teunis alleen maar uit is op namen van voorouders en allerlei data en verder nauwelijks is geïnteresseerd in geschiedenis, waren wij snel uitgepraat. We hebben in Grand Haven aan de Lake Michigan, een museum bezocht waar ze veel voorwerpen en geschreven historie bewaren over wat de Nederlanders zoal meenamen naar het, voor hen volkomen vreemde en verre land, Amerika.

10-Carl-Dephouse-en-Arend-Everts-achterkleinzoons-van-Jan-en-Hendrik-OelenEen paar dagen later waren we weer eens op bezoek bij oude bekenden in Holland Michigan, bij Carl Dephouse, eigenlijk Diephuis (uit omgeving Ten Boer provincie Groningen), hij is een achterkleinzoon van Jan Oelen en Hendrikje Schonewille die voordat ze in 1883 naar Paterson New Jersey emigreerden, ook in Hollandscheveld hebben gewoond. Carl en zijn broers en zus, hebben veel belangstelling voor de streek waar hun voorouders hebben gewoond. Carl en zijn vrouw wilden wel op de foto met de vlag van Hollandscheveld. In 1991 kwam ik de familie Oelen op het spoor omdat naam en adres van Carl in een overlijdensbericht van zijn oma Fannie Oelen (Belt), de vrouw van Albert Oelen, in de krant stond. Zij overleed in 1985 op bijna 100-jarige leeftijd. Een kopie van dit bericht was bewaard in het archief van de stad Holland. Toen wij hem in 1991 opzochten was hij zeer verbaasd en verrast dat er zoveel brieven bewaard zijn gebleven, die geschreven zijn door familie in Amerika aan mijn familie in Hollandscheveld. Zo maar opeens kwam hij in bezit van een schat aan informatie over de familie van zijn grootvader Albert Oelen, zoon van Jan Oelen. (Zie brieven uit Amerika)

Een probleem was wel dat ze geen Nederlands konden verstaan of lezen. Met gezamenlijke inspanning hebben ze deze brieven later vertaald. De familienaam Oelen verdwijnt in Amerika trouwens weer omdat er nu alleen nog twee vrouwen met de naam Oelen in leven zijn, de moeder van Carl en een nicht van hem.

Waar zijn de immigranten vanuit Drenthe in Amerika gaan wonen?

Opzoeken van de immigranten, die vanuit zuid-oost Drenthe hier zijn gaan wonen is niet zo gemakkelijk.
Eigenlijk zou men hier dan enkele jaren moeten gaan wonen.

In de plaatsen Drenthe, Borculo, Grand Rapids, Holland, New Holland, Overisel, Vriesland, Zeeland en nog veel meer plaatsen, wonen veel meer mensen met familienamen uit Hoogeveen en omstreken. Daar wonen de nakomelingen van Bade, Jan Booy, Roelof Bos, Harm De Vries, Frederik Diemer, Geert Drent, Jan Fernhout, de broers Roelof, Klaas en Jan (Botter) Fik, Aaldert Gort, Hendrik Moes, Albert en Willem Oostindiëen, Roelof Romberg, Arend Seinen, Lucas Slomp, Wiecher Sloothaak en nog veel meer. We hebben enkele families ontmoet en er mee gecorrespondeerd maar door gebrek aan tijd konden tot nu toe nog te weinig contacten worden gemaakt.  

Vanuit omgeving Hollandscheveld, Kerkenveld, Hoogeveen zijn geëmigreerd
– Hendrik Arends, alleen
– Roelof Bartelds en Geesje Hilbrink en kinderen
– Cornelis Blanken
– Jan Blanken
– Harm Blanken
– Seine Harms Boertien en Niesje Masselink en kinderen
– Jan Booij en vrouw
– Roelof Bos en vrouw
– Harm Bruins Slot, alleen
– Jan Hendrik Bruins Slot, alleen
– Geert Drent en Trijntje Grieving
– Jan Fictorie en Dina Prins en kinderen
– Fake Fictorie en Johanna Bloeming en kinderen
– Hendrik Gort en Aaltje Jaspers Lubberts
– Hilbert Gort en Alberdina Kaptein en kinderen
– Jasper Gort en Jantje Berkam en kinderen
– Geert Grieving en Grietje Guichelaar en kinderen
– Geert Grissen en Hendrika Jans Moes
– Moes, kinderen van Hendrik Moes en Grietje van der Weide
– Jan Haveman en Helena Vos
– Jan Hooijer, hij trouwde in Amerika met Jantje Sloothaak
– Thijs Kamphuizen
– Harm Kaptein, alleen
– Hendrik Klamer
– Johannes Klamer
– Willem Klunder en Geesje Kikkert
– Harm Klaas Koster en Annigje Westerhuis en kinderen
– Hendrik Kuiper en Jantje Bos en kinderen
– Jan Middelveld en Geesje Harms en kinderen
– Hendrik Willem Moes en kinderen Aate, Jan, Geert en Femmigje
– Abraham Nieuwenhuis
– Jan Oelen en Hendrikje Schonewille
– Seine Oelen en zoon Hilbert Oelen
– Jan Otten en Trijntje Benjamins en kinderen
– Hendrik Pekel en Maria Spendel en kinderen
– Albert Prins en Wilhelmina Westerhuis en kinderen
– Jan Prins en Geesje Jans Veld en kinderen
– Roelof Romberg en Hendrikje Koster en kinderen
– Roelof Romberg en Roelofje ten Oever en dichter Hendrika Jacoba
– Jan Romberg en Judith Pot en kinderen
– Arend Seinen en …
– Jan Stoffers Schonewille en Niesje Eleveld en kinderen
– Hendrik Scholten en Hendrikje Bos en kinderen
– Lucas Slomp en Annigje Tuit en kinderen
– Pieter Sloothaak en Aaltje Ringeling en zoon Wicher en dochter Aaltje
– Haye de Vries en Trijntje Bork en kinderen
– Theodorus Jurjens Westerdijk
– Harm Zomer en Harmanna Kaptein en kinderen

schrijf-spoedig-terugSchrijf spoedig terug

Prof. Herbert J. Brinks schreef eerder een boek met als titel ‘Schrijf spoedig terug’ met daarin veel brieven welke vanuit Amerika naar de achtergebleven familieleden in Nederland werden geschreven.

In Amerika een boek van Prof Brinks verschenen, met de titel ‘Dutch American Voices’. Hierin zijn een serie brieven opgenomen van Frederik Diemer, een zoon van dominee Evert Diemer en Annigje Kersies. Frederik Diemer emigreerde in 1891 vanuit Hollandscheveld naar Vogel Center in Michigan.