De Eenendertig wijken van Roelof van Echten

Ik ben geboren in een huis aan de Bentincksdiek voorop westkant van de 27e wijk. Er zijn mij maar weinig herinneringen gebleven van die tijd. Wel dat we een kwade hond hadden. Echt een kettinghond in een hok in een uitsparing onder het hooivak. Ook dat mijn vader soms een rat had gevangen in een klem. Mij is verteld dat ik, toen ik twee jaar oud was, bijna verdronken was in de wijk naast ons huis. Vader was bezig turf met de kruiwagen vanaf de bok naar het turfhok op de deel te brengen. Wat mijn vader kon moest ik ook doen en dus volgde ik hem op de voet. Niet dus.

Gelukkig had vader een goeie greep en had mij snel weer uit het modderige water van tussen de bok en de wiekswal, weer op de wal. Het water in de wijken en opgaanden was DE grote vijand van kleine kinderen. Niet voor niets werden alle kinderen dus bang gemaakt voor de BULLEBAK.

Bertus ten Caat schreef in ’d Ollansevelder, 20e Jaargang, nummer 3, Maart 1997 iets over de 31e Wijk in Hollandscheveld. Ooit was de 31e Wijk dus een wieke schrijft Bertus, als hij het over de foto’s op de kalender van 1997 heeft. Hij vraagt zich daarbij af, waar zijn of waren dan wel al die andere 30 wijken?

Sinds mensenheugenis is er in Hollandscheveld de Eenendertigste Wijk en in het verlengde daarvan later de Doorsnijding. Voor velen rijst dan de vraag: wat er wordt of is doorgesneden? Al speurende komt het antwoord.

Roelof van Echten begon rond 1600 gewoon in het hoogveen een wijk te graven. Dat werd dus de Eerste Wijk. In de jaren daarna kwamen er nog dertig wijken bij, allemaal gegraven vanuit het zuiden naar het noorden.

Het valt op dat deze eenendertig wijken geen naam heeft, alleen een nummer. Dit is ook zo met de 9 Krakeelse Wijken. Na veel gekrakeel werd het Bentincksopgaande het Krakeelsche Opgaande genoemd en de negen wijken vanuit de Eenendertigste Wijk gegraven naar het oosten werden de Krakeelsche wijken.

De wijken die zijn gegraven vanuit het Zuideropgaande en Alteveerse Opgaande hebben wel allemaal namen gekregen. Waarom dan de wijken van het Hollandscheveldse Opgaande, het Noordsche Opgaande en het Krakeelsche Opgaande niet. Het Krakeelsche Opgaande is er niet meer, het is nu een weg met de naam Krakeel. Dit was ook al zo geworden toen het nog gewoon een wijk met water was. Het is voor de nieuwere bewoners van deze streek soms moeilijk uit te leggen.

Zo ongeveer 1970 werd er een nieuwe woonwijk gebouwd die de naam Wijk Krakeel kreeg, terwijl het oude (gedempte) Krakeel er ook nog is. Maar zo gaan die dingen, het veen in het uitgestrekte moeras is te gelde gemaakt om te kunnen leven. Daarna bleef de ondergrond van het vroegere veen achter om op te wonen. Omdat alles doorgaat en wij ook ruimte willen hebben om te leven, wordt nu de ondergrond gebruikt om er huizen op te bouwen om in te wonen en wegen om ons over te verplaatsen. Wij gaan niet meer te voet of met de bok, nee wij kregen na de fiets de auto op onze weg. Wat waren we blij met de vooruitgang en we gaan allemaal mee in deze ontwikkeling. Laten we onszelf of door andere mensen, vooral geen schuldgevoel aanpraten dat dit ’mooie’ allemaal voorbij is. Zelf vind ik het echter wel fijn om aan de mooie dingen van vroeger te denken en de rest zoveel mogelijk te vergeten.

Zo maar op een dag bekijk ik weer eens het boek Noordscheschut van toen en nu 1766-1991.

Dan zie ik bij een foto van de molen aan de Molenweg het bijschrift staan “Een van de oudste foto’s van de 28e wijk.”. Ik lees daarbij dat men met de bok vanaf de 28e wijk tot in de molen kon varen. Dan realiseer ik mij weer dat ook de wijken langs het Noord inderdaad geen namen hebben, maar alleen nummers. De 28e wijk is hier de laatste wijk.

De 1e wijk was ooit waar nu de Hoofdstraat in Hoogeveen is, daar is het Echtens Hogeveen ooit begonnen. Ook de 2e wijk tot en met de 27e wijk zijn er dus geweest.

De 31e Wijk heeft en had ook veel met Noordscheschut te maken. Het is tevens wel leuk om eens uit te zoeken waar de benamingen Kromme Jakken, ’t Meer en de Wieken vandaan komen. Ooit kon natuurlijk iedereen je wel vertellen waar dat was en wat dat was en waarom dat zo was.

De Eerste Wijk werd ooit gegraven in opdracht van Roelof van Echten. Dat is waar nu de Cascade door de Hoofdstraat van Hoogeveen loopt. We beginnen daarom maar eens bij het begin, toen het Echtens Hogeveen er nog maar amper was. Met de komst van de Hollandsche Compagnie en de Hollandsche investeerders, waaronder ene meneer Schoonhoven is het Hollandscheveld gekomen. Zonder Hollandscheveld zou HOOGEVEEN nooit groot zijn geworden.

Het Register der Huijsen Nommers en Namen der Eijgenaren Gedeeltelijk over Het Schoutampt van de Heer Mr. E.J. Witzenburg en Gedeeltelijk over het Schoutampt van de Heer Mr. H.C. Carsten 1806.

Wijk C begint waar nu nog een zeldzaam stukje van oud Hoogeveen is. Het is te hopen dat dit stukje Hoogeveen nog lang de sfeer van het ’oude’ Hoogeveen mag blijven ademen. Op het hierbij afgedrukte kaartje uit 1865 is het gebied aangegeven met Zwarte dijk en ’t Klooster. Op dit kaartje is het Noordsche Opgaande niet aangegeven maar wel af te leiden aan Noordsche Schut en de Verlengde Hoogeveensche Vaart. In 1806 is er overigens nog lang geen sprake van het verlengen van de Hoogeveensche Vaart. In het verlengde van het Noordsche Opgaande wordt de Egtenswijk vermeld. Ook de zwarte korte streepjes komen dus waarschijnlijk niet overeen met vermelde huizen in het hierna volgende verhaal.

Wijk C

Noordkant van de Dijk van Hendrik Tiegelaar, beginnende Hoge Kamp of De Pesserlanden.

De Hooge Kamp bestaande uit 4 stukken Groenland – Weduwe Albert ten Heuvel.
2 stukken Groenland Een Bossie – Harm Berghuis
2 stukken Groenland – Jacobus Dekker
Een stuk Groenland – Evert Meijnen
Een stuk Groenland een Steeg met Hout of de Menneweg na de Mastebroek van Pieter Carsten.

En zo verder vele stukken land van diverse personen

Nr. 1 Huijs en Hof – Jan Blanken
Nr. 2 Huijs en Hof – R. van Hees

Ten Westen van de Toldijk

Nr. 3 Huijs en Hof – J.L. Hup

Tolhek en Dijk

Nr. 5 Huijs en Hof – R.O. van Holthe

De Oostkante van de Toldijk

1 stuk Zaaijland – Jan Jans Tolboer
1 stuk Groenland – Hendrik Westerhuys
Een stuk Groenland en een Bossie – J.L. Hup
Nr. 4 Huijs en Hof en een Bossie en 6 stukken Groenland – Geert Jacobs

Ten oosten de Dijk die bij Geert Jacobs Zijn Huijs Deuitmenninge heeft. Land van Domenie Manting Liggende ten Oosten de Hof van Geert Jacobs of ten oosten de Toldijk En verder vele stukken land van diverse personen

Op de Zogenaamde Brink

Nr. 6 Huijs en Hof – Albert Louis
Nr. 7 Huijs en Hof – Jan Blanken
Nr. 8 Huijs en Hof – R. van Hees
Nr. 9 Huijs en Hof – J.L. Hup

Langs de noordkant van het Noord

Ten Noorden van ’t Noordse Opgaande

Een Hof en 3 stukken Groenland – Weduwe Jan Uiterwijk
Een schure en Hof van J.L. Hup
Nr. 10 Huijs en Hof – Jannes Bijl
Nr. 11 Huijs en Hof – R. van Hees
Nr. 12 Huijs en Hof – Reijnder Jans
Nr. 13 Huijs en Hof – Jan Arents Boer
Nr. 14 Huijs en Hof – Roelof Gerrits de Jonge

Aan de Westkante van de 2de of Kloosterwijke.

4 stukken Groenland – Weduwe Joh. Meijnen

Het Zogenaamde Klooster

Nr. 15 Huijs en Hof – Mr. C.L. Carsten senior
Nr. 16 Huijs en Hof – R, van Hees
Nr. 17 Huijs en Hof – R. van Hees

Agter of ten Noorden van ’t Klooster land van R. van Hees en C.E. Carsten

In de 4 Hoeken van agteren aan en ten Oosten van de Kloosterwijk eerst Heijdevelt, bosch en Groenland van Cornelis Warmels en nog in de 4 hoeken van vooren aan, stukken Groenland, een Steeg of Dijk met Hout van P.P. ter Steege, Cornelis Warmels, Fredrik van Nuijl, en het zogenaamde Prijs Bosch van P.P. ter Steege..

Voor aan ’t Noordse Opgaande

Nr. 18 en 19 Huijsen en Hooven – Lucas ten Caate
Nr. 20 en 21 Huijsen en Hooven – P.P. ter Steege

Westkante van de 3e wijke van vooren aan

Nr. 22 Huijs en Hof – Weduwe Geert de Backer

diverse sdtukken land Leggende over de Dijk in de Pessermake

Nummers 23 t/m 27, dit zal over de Pesserdijk zijn.

Oostkante van de 3e wijke van agteren aan en zo vervolgens worden van alle wijken de huizen en hoven en stukken land beschreven, eerst aan de oostkante van agteren aan, dan aan de westkante van voren aan, ik zal niet alle eigenaren hier vermelden.

Tiendewijk vanuit het Noordsche Opgaande

Westkante van de 10e wijke van vooren aan (dat is het Noordse Opgaande)

Nr. 40/41/42 Huijs en Hof – Evert Hendriks en vier stukken Groenland, twee stukken Zaaijland over de Dijck in de Pessermarke
Iets wat ik zelf interessant vind, wil ik in dit verband toch even verhalen. Mijn familienaam Everts is het gevolg dat in 1813 mijn stamvader Evert Hendriks geen familienaam had en hij vond het best dat alles bij het oude bleef. Hij had kennelijk ook geen boodschap aan de nieuw fratsen, hij dacht dat alles zou wel zou blijven zoals het was. Hij vergiste zich en voortaan hebben zijn kinderen, kleinkinderen enzovoort, allemaal de familienaam Everts, naar het patroniem van stamvader Evert.

Het had heel anders kunnen zijn. Evert Hendriks had in 1780 een Huijs en Hof en een halve wijk grond gekocht, langs de westkant van de Tiendewijk en hij en zijn kinderen, tot en met mijn overgrootvader Hilbert Everts, woonden daar en werden in het Bevolkingsregister van Hoogeveen steevast met de familienaam Tiendewijk vermeld, niet in de acten van de burgerlijke stand trouwens. De familienaam is trouwens met twee mannen wel Tiendewijk gebleven, maar heeft verder nog maar een volgende generatie geduurd.

Noordkant van het Achterom.

Noordkant van ’t Agteromse of ’t van de Gelders Opgaande en wel aan de Oostkante van de 10e Wijke van agteren beginnende

Nr. 43 Huijs en Hof en Groen- en Zaaijland westkante 11e Wijke – Otte Jans Martinus.
Nr. 44 Huijs en Hof en Groen- en Zaaijland oostkante 11e Wijke – Jan Blanken
Nr. 45 Is weer Over de Dijk in de Pessermarke

Vervolgens wordt zo elke wijk aan weerskanten langs de wijke beschreven.

In het register van 1806 is vermeld dat het Huijs en Hof voorop aan het Noordse Opgaande en op de kop van de wijke en aan de Westkante van de 21e wijke, van Beerent Elevelt is. Het deel van de 21e wijke wat er nu nog is ligt aan de zuidkante van het Noordse Opgaande en is de wijk tussen de nieuwe Weg om de Oost en de omgelegde Hoogeveensche Vaart.

Opeens valt mij op dat agterop en aan de Oostkante van de 22e wijke nog een Huijs en Hof (Nr.61) is vermeld, dat van Fritser Okken. Het volgende huijs is niet meer Huijs en Hof, maar het Huijsje (Nr.62) van Jan Wolters en dan komen de Huijsjes (Nr.63) van Harm Harms de Jonge, en (Nr.65) van Harm Harms de oude Kranghand. Aan de Oostkante en agter op de 23e wijke is een huijs (Nr.67) en een stuk land en een stuk heijdevelt van Geerd Kroesen en daarnaast een Huijsje zonder nummer en een stuk Heijdevelt van Reijnder Klaas en danNog de Breedte van twe halve wijken Heijdeveltten Westen van de TiendeveenenR.O. van Holte. Het valt op dat de beschrijving van de24e wijke ontbreekt, dit heeft waarschijnlijk te maken met de twee halve wijken Heijdevelt van R.O. van Holthe.

Zuidkant van het Achterom

Zuidkante van ’t van de Gelders of Agteromse Opgaande van boven aan.

Oostkante van de 25ste wijke van ’t Noorden aan. Het lijkt nog erg ’jong’ in deze streek, inplaats van huijsjes staat er nu meestal Een Hutte. Dan is vermeld Westkante van de 25ste wijke van ’t Zuiden aan twee Hoekjes Zaaijland en heijdevelt en een Hutte van Geert van der Sleen, de Hutte heeft geen nummer! Dan nog Heijdevelt van Jan Heijties.

Dan zijn er twee wijken in oostelijke richting gegraven!

De 2de Wijke oostoplopende uijt de 21ste Wijke. Zuidkante van ’t oosten aan. Een Hutte (ook geen nummer) en land van Albert Kist, huijs en 4 stukken land Hendrik Veltman en vervolgens de Noordkante van ’t westen aan, stukken land van diverse personen. Dan volgt

de 1ste Wijke oostoplopend uijt de 21ste Wijke. Zuidkante van ’t oosten aan stukken land van Lucas Jans en Jannes Jans.

Nr. 83 Huijs en Hoekjezaailand – Johannes Smit, land Abraham de Rode en Hendrik Bras en vervolgens de Noordkante van ’t westen aan, diverse stukken land van Jansen Jans en nog meerdere personen en
Nr. 82 Hutte – Jan Heijties.

Zuidkante van ’t Agteromse of van Gelders Opgaande van agteren tot aan de 21e Wijke toe van ’t Noorden aan

Nr. 69 Een huijsje en land – Okke Fristers
Nr. 84 en 85 Huijs en Hof en Groenland – Theunis Karst

Westkante van de 21ste Wijke van vooren aan. Vele Hoekjes Zaaijland, alle van verschillende personen.

Zo gaat men vervolgens weer verder terug in aftellende rangorde met beschrijven van Eijgenaaren aan de Zuidkante van ’t Agteromse of van Gelders Opgaande naar het westen en is meestal weer vermeld Huijs en Hof.

Nr. 91 Aan de westkante van de 12de Wijke, van vooren aan woont Geugien Hendriks Jongevosch, aan de oostkante van de 11de Wijke liggen 3 stukken Zaaijland van Wessel Egberts. Aan de westkante van de 10de Wijke, van vooren aan
Nr. 92 Huijs en Hof -Wessel Egberts
Nr. 93 Huijs en Hof – Siemon Jans Schonewille

Aan de oostkante van de 10de Wijke zich uijtstrekkende tot aan het Noordsche Opgaande, van agteren aan, zaaijland van Otte Jans, Gerrit Roelofs de Jonge en Jan Reinders.

Nr. 94 Huijs en Hof – Hendrik Reinders
Nr. 95 Huijs en Hof – Harm Alberts Stoter

Aande westkante van de 11de Wijke op ’t Noordse Opgaande van vooren aan

Nr. 96 Huijs en Hof – Jan Reinders
Nr. 97 Huijs en Hof – Roelof Gerrits de Jonge

Aan de westkante van de 12de Wijke van vooren aan

Nr. 98 Huijs en Hof – Wolter Jans Huijsies

En zo gaat men vervolgens langs de Noordkante van ’t Noordsche Opgaande weer in de richting van Noordsche Schut. Voorop aan de westzijde van de 21ste Wijk woont Beerent Alberts Stoter en voorop aan de oostkante van de 21ste Wijke woont Geugien Gerrits de Jonge. Voorop aan de 22ste Wijke woont Klaas Gort. Tussen Geugien Gerrits de Jonge en Klaas Gort staat Een School.

Aan de oostkante van de 23ste Wijke is vermeld van agteren aan

Nr. 120 Huijs en Hof – Harm Stoffers, en voorop aan de Westkante van de

24ste Wijke welke nu wel wordt vermeld, ligt zaaijland en heijdevelt van Hendrik Lunenborg

Nr. 121 Huijs en Hof – Roelof Jans Otten van agteren aan de oostkante van 24ste Wijke
Nr. 122 Huijs en Hof – Wolter Gerrits Huijsies, aan de westkante van vooren aan.
Nr. 123 Huijs en Hof – Albert Dekker, aan oostkante van 25ste Wijke van agteren aan en westkante 26ste Wijke groenland en heijdevelt van Berent Jans en Pieter Geugies en aan de oostkante heijdevelt, zaaijland en groenland van Jan Thijs Kroesen.
Nr. 124 Huijs en Hof – Hendrik Harms Pol, aan de westkante van 27ste Wijke
Nr. 125 Huijs en Hof – P.P. ter Stege met heijdevelt, zaaij- en groenland aan oostkante. Het eindigt het met de beschrijving van de Westkante van de 28ste Wijke van vooren aan tot aan demarkte Drieber
Nr. 126 Huijs en Hof, een Bossien en Heijdevelt van Karst Jacobs Sempel..

Hier Eijndigt ’t Schoutampt van den Heer Mr. E.J. Witzenburgh

Noordscheschut

Noordkante Egtenswijke boven ’t Noordscheschut, ondergrond, Raauwe Veenen en Besneden Veene hierop liggende toebehorende aan Jan en Roelof Klos, Jan Blanken, weduwe Egbert Koetzier, Jan Pieters Blokzijl, Roelof Otten, Roelof Reins, Albertus en Harm Warmels en R.O. van Holte en Zuidkante van agteren aan ‘t Raauwveene en ondergrond van Harm Warmels en Besneeden veene, 4 klinken van H. Warmels, 1 klinke Albertus Warmels, 1 klinke Jan Lamberts Hartman en 1 klinke van Remmelt Kuijper en een Bossie van H. Warmels en Beneden ’t Dwarsgat, ondergrond 3 stukken groenland, een stuk zaaijland en Huijs en Hof, nummer 127, van Harm Warmels.

Noordkante van de Krommewijke van vooren aan en de Ondergrond Beneden en Boven ’t Dwarsgat en ’t Raauwe Veene hierop Geleegen. Aan de Noordkante wordt vermeld Huijs en Hof (Nrs.268 en 269) van de weduwe Jacob ter Steege en Cornelis Warmels.

Aan deZuijdkante van agteren aan is alleen sprake van Raauwe Veenen en ondergrond met Beneden ’t Dwarsgat een zaaijkamp en 2 klinken besneden veene hiero gelegen van Harm Warmels.

Noordkante van de Oude Wijke, ‘t Raauwe veene van Harm Warmels en ondergrond beneden ’tDwarsgat liggende 3 klinken besneden veene van H.Warmels en van Dassens en De Beers.

Dan nog Huijs en Hof (Nrs.270 en 271) en 2 stukken groen- en 2 stukken zaaijland van Harm Warmels. Aan de Zuidkante beneden‘t Dwarsgat de ondergrond en zaaijlant van Geert Berends en boven‘t Dwarsgat de ondergrond en ‘t Raauwe veene en 14 klinken besneeden veene van verscheidene personen. Aan de Noortkante van Kalkoens Wijke de ondergrond van Harm Warmels beneden, en boven ’t Dwarsgat ondergrond als Warmolts Hoofddeel. en ‘t Raauwe veene van Harm Stoter, Jan Reijns en de kinderen van Arend Smeding en 12 klinken besneden veene van verscheidene personen.

Aan de Zuidkante van Kalkoens Wijke boven ’t Noordscheschut de ondergrond beneden en boven de 30 Morgen op ’t Dwarsgat is Comparies of verdeelde halve wijke. Vermeld is Comparie van Egtens en de Gelders. eerst Bentngh nog, de Erven de Vriesen, Schoonhovens en Warmonts Hoofddeel.

De rest is ‘t Raauwe veene en Besneden Veene verdeelt aan verscheiden personen.

De Rijkshoogte lag tot op ‘t Noordscheschut, want vervolgens is sprake van een halve Wijke ondergrond liggende ten Oosten van Rijks Hoogte of voor Hoffers van ’t Zuiden aan van de Kromme, deOude en Kalkoens Wijke van H. Warmels en Consorten en een Huijs (geen nummer) en een stuk zaaijland en heijdevelt van Roelof Otten.

Ten Westen Rijks Hoogte van ’ Noorden aan, Huijs een stuk zaaijland en heijdevelt van Klaas Kruiming.

Vervolgens wordt een beschrijving gegeven van huizen en eigenaren langs De Zuidkante van ’t NoordseOpgaande en wel deWestkantevan de 28ste Wijke een stuk Heijdevelt en 2 stukken Zaaijland van Harm Warmels en vervolgens de Oostkantevan de 27ste Wijke van vooren aan Huijs en Hof (Nr.128) Zaaijland en Heijdevelt van Marten Derks. De Westkante van de 27ste Wijke van agteren aan Huijsje zaaijland en heijdevelt (Nr.129) van Jan Jans Lunenberg, aan de Oostkante van de 26ste Wijke van vooren aan zaaijland en heijdevlt van Arend Harms Smeding en Westkante van agteren aan Huijs en Hof en groenland (Nr.130) van Geert Berends. De Oostkante 25ste Wijke van voren aan zaaijland en heijdevelt van Roelof Nijenhuis en aan Westkante van agteren aan Huijs en Hof (Nr.131), zaaijland, groenland en heijdevelt van Derk Martens. De Oostkante van 24ste Wijke van vooren aan land van A.A. van der Veen en aam de Westkante van Arend Pieters Smeding. De Oostkante van de 23ste Wijke Huijs en Hof (Nr.132) en land van Roelof Reijns, aan de Westkante van agteren aan Huijs en Hof (Nr.133) en land van de weduwe David Meijboom en het land aan de Oostkante van de 22ste Wijke ook van de weduwe Meijboom. Huijs en Hof (Nr.134) en land aan de Westkante van de 22ste Wijke van Karst Martinus en Huijs en Hof (Nr.135) en land aan de Oostkante van de 21ste Wijke van Jan Lamberts Hartman.

Het Huijs en Hof (Nr.157) en land aan de Oostkante van agteren aan de 11de Wijke is van de weduwe van Egbert Coetsier en ook Huijs en Hof (Nrs.158 en 159) en land aan de Westkante van vooren aan.

Zo worden alle wijken beschreven tot en met de Westkante van de Eerste Wijk. van agteren of van de Grote Karksteeg aan. Alle 28 wijken worden vermeld. Op de Oostkante van de 2de wijke en aan de Westkante van 1e Wijke zijn 4 stukken grond en Een Steege van De Freules Van Echten. Vervolgd wordt met de Westkante van de Eerste Wijke van agteren of aan de Grote Kerksteeg aan, een Hof van Harm Warmels en Groenland en Steeg Huijs Hof (Nr.172) van de Freules van Echten.

Aan de zuidkant van het Noordse Opgaande stonden vanaf Noordscheschut, (nummer 128) tot en met (nummer 171), in het jaar 1806 dus 45 huizen.

Duidelijk is waarom de streek langs de Eerste Wijke ook wel De Huizen wordt genoemd. Achter elkaar worden zo maar de huizen 172 tot en met 242 is 71 keer Huijs en Hof vermeld. Niet allemaal aan de Eerste wijk trouwens, ook de noord- en zuidkante van de Kleine- en de Grote Karksteeg en van het Krackeelse Opgaande. Karke en Karkhof van de Gereformeerde Gemeente van Hoogeveen zijn aan de noordkante van ’t Krackeelse Opgaande, tussen het Huijs en Hof (Nr.235) van Philip Slegt en het Huijs en Hof en Bossie van de Pastorije (Nr.236) in. Het Huijs en Hof en Zaaijland en Kooren Moole van Meeuwis Steenbergen en consorten is (Nr.237).

Tiendewijk

Vervolgens begint de schrijver van het register weer met de Westkantevan de10de Wijke op deNoordkante van’t Krakeel en beschrijft zo vervolgens telkens weer beide kanten van de wijken. Vermeld wordt dat een stuk Groenland aan westkant van de 17de Wijke van Berent van Sloten is. Dan vermeldt de schrijver dat van de Oostkante van de 14de Wijke tot aan de Westkante van de 17de Wijke is de Zogenaamde Karken Kabel met Bosch van Mr. A. Steenbergen en Berent van Sloten is.

Aan de noordkant van het Krakeel dus!

Dan is vermeld na de beschrijving van de Oostkante van de 25ste Wijke van agteren aan een stuk Heijdevelt en Zaaijland van Derk Hendriks Bosman. Dan vervolgens de Westkante van de 26ste Wijke van vooren aan Huijs en Hof (Nr.262) en Groen en Zaaijland van Jannes Lamberts Koster. En ook nog een stuk Heijdevelt op deZogenaamde Karken Kabel.

Nog een Karkenkabel dus!

Vervolgens worden na de Oostkante van de 26ste Wijke tot aan de Westkante van de 31ste Wijke geen wijken meer vermeld, wel Huijs en Hof (Nr.263) van Jan Geerts Pander. Vervolgens Huijs en Hof (Nr.264) van Jannes Bosvelt, Huijs en Hof (Nr.265) van Harm Pander, Huijs en Hof (Nr.266) van Harm Beerents Backer en nog een Huijs en Hof (Nr.267) van Harm Beerents Backer. Dan volgen: stukken, stukjes, hoekjes en hoeken land en heijdevelt.

De Eerste wijk of Modderwijk

Vervolgens zijn we aan de Noordkante van de Modder Wijke boven ’t Krackeelse Schut of de EersteWijke. Er wordt weer veel raauwe en besneden veen vermeld, nauwelijks huizen wel het Huijs en Hof (Nr. 272) van de weduwe van Joh. Meijer, verder met de zuidkante tot aan ’t Dwarsgat en ondergrond beneden ’t Dwarsgat. De Modderwijk was dus ook wel de Eerste Wijk.

De Kromme Jakken en het Meer

Vervolgens Noordkante de Schuts of de Tweede Wijke boven ’t Krackeelse Schut, een halve wijke ondergrond een stuk groenland en hierop geleegen tot aan ’t Dwarsgat. Een Waatermolen van de Eijgenaaren van de 2de de 3de en de 4de Wijke.

Vervolgens gaat hij verder met de zuijdkante boven en beneden ’t Dwarsgat.

De Tweede Wijk was dus ook wel de Schutswijk.
Een Huijs Genaamt Veene Lust (Nrs. 276 en 277) en Huijs en Hof (Nr.278) van A.A. van Oosten.

Noordkante 3de Wijke van vooren aan beneden ’t Dwarsgat in ’t Meer ondergrond van Jan Siemens Scholten en een klinke besneden veene boven ’t Dwarsgat zoverre ’t Meer zig uijtstrekt van meerdere personen en ondergrond boven ’t Meer en ’t raauwe veene hierop geleegen.

Zuijdkante van agteren aan en de ondergrondboven ’t Meer en ’t Dwarsgat na de 4de Wijke en ’traauweveene van Harm Warmels. De ondergrond beneden ’t Dwarsgat in ’t Meer en hier op geleegen van agteren aan.

Noordkante 4de Wijke van vooren aanbeneeden ’t Dwarsgaten ondergrond en klinke besneden in ’tMeer boven ’t Dwarsgat ondergrond en hierop Raauwe en besneeden veene van vooren aan.

Zuijdkante 4e Wijke van vooren aanbeneeden ’t of tegen ’t Dwarsgatdoorlopende ondergrond en besneeden veene hierop en boven ’of doorlopende van ’t Dwarsgat en ondergrond en ’t Raauwe en besneeden veene hierop.

De 31e Wijk en de negen Krakeelsche Wijken

NogBoven de 31ste Wijke en beneden ’t Dwarsgat en ten westen van Veene Lust op de zuijdkante van de 2e Wijke en de Noordkante van de 3e Wijke van vooren aan Huijs en Hof (Nr.282) Zaaijland en Heijdevelt van Jan Kruijdhof. Vervolgens een Huijs en Hof Zogenaamde Doorsight (Nrs.273 en 274 en 275) van J.G. Backer, verder de Zuijdkante van agteren aan een Hof, 1 stuk Zaaij, 1 stuk Heijdevelt en Een Schaaphok van J.G. Backer en nog Huijs en Hof (Nr.281) met land van de weduwe van Hendrik Cattouw. Vervolgens de Noordkante van de 4e Wijke en de Zuijdkante van de 4e Wijke van vooren aan tot zover ’t Dwarsgat aan de Noordkante loopt.

Tot aan Het Meer

Noordkante en Zuijdkante van de 5e, de 6e en de 7e Wijke van vooren aan beneeden ’t Meer en boven de 31ste Wijke de ondergrond en ’t Raauwe en besneeden veene hierop.
Dan wordt vermeld dat Nog Loopen 5 Wijken uit de 5de Wijke naar ’t Zuijden toe.

Vervolgens de Noordkante en de Zuijdkante van de 8e en 9e Wijke in ’t Meer met de ondergrond en Raauwe en besneeden veenen hierop.
Na de Zuidkante van de 9de Wijke is er eindelijk sprake van de Westkante van de 30ste Wijke.

De schrijver begint met de Westkante van de 30ste Wijke dat is waar nu het Dorpscentrum Het Anker staat en gaat verder met de Oostkante en de Westkante van de 31ste Wijke.

Het Zaaijland aan de Westkante van de 30ste Wijke aan de Zuijdkante van de Bentingh Dijk en ook de Oostkante van de 30ste Wijke en de Westkante van de 31ste Wijke Voor de 9de Wijke dwarsover naar ’t westen en het Huijs en Hof (Nr.279) is van de Juffer, of de Erven Leffers.

Op de Noordkante voor de 8ste Wijke ligt een stuk Heijdevelt van H. van Veen.
Dan zijn voorop de 7e, 6e en 5e Wijke Heijdevelt, Groenland en Zaaijland, een bosch en een Huijs en Hof (Nrs. 280 en 281 en 282) van J. Walraad Carsten.

Dan volgt Leggende de Bosch en ’t stuk Zaaijland hiervan aan Noordkante Bentincksdijk.

De Krakeelse Dijk

Vervolgens gaat het verder met de Noordkante van de Bentingh of Krackeelse Dijk en wel de Westkante van de 31e Wijke van agteren aan Een Bosch, stuk Heijdevelt Zaaij en Groenland en een Steeg met hout van Harm van Nuijl. Oostkante van de 30ste Wijke van vooren aan Huijs en Hof (Nr. 283) Hendrik van Liemen en de Westkante van de 30ste Wijke van agteren aan en verder de Oostkante van de 29ste Wijke van vooren aan, eijgenaren Jan Metzelaar en Hendrik Jonge Vosch en Lambert Veltman worden vermeld. Voor aan de Oostkante van de 28ste Wijke staat het Huijs en Hof (Nr. 284) en Groen en Zaaijland en heijdevelt van Lucas Vaaken. Aan de Westkante van agteren aan staat het Huijs en Hof (Nr.285) van Jurjen Veltman.

Vervolgens voorop aan de Oostkante van de27ste Wijke Huijs en Hof (Nr.286) van C.E. Carsten senior.

Aan de Westkante van de 27ste Wijke van agteren aan Huijs en Hof (Nr.287) van Jan Martinus en nog een Huijs aan de Oostkante (Nr.288) ook van Jan Martinus. Agteraan op de Westkante van de 26ste Wijke Heijdevelt en Groenland van de weduwe van Jan de Graaf en voorop aan de 25ste Wijke Huijs en Hof (Nr.289) van de weduwe van Jan de Graaf.

De Drietippe

Zo volgt men de Noordkante van de Bentingh of Krackeelse Dijk tot weer aan de 10de Wijke. Voorop aan de Oostkante van de 12de Wijke staat Huijs en Hof (Nr.309) van Pieter Peggeman. Het volgende Huijs en Hof (Nr.310) van Pieter Kortelingh staat pas voorbij de 10de Wijke aan de Oostkante van de BentinghDijk de Zogenaamde Drie Tippe.

Dan is nog vermeld van de Tippe af tot aan de Huijsen ten Zuiden het Bentinghs Opgaande en ten Noorden Bentinghs Dijk van ’t oosten aan diverse stukken Groenland enz..

Nog ten ZuijdenBentingh Opgaande en ten Noorden Bentingh Dijk van ’t Oosten tot aan de Huijsen en tot Wijk A toe.

Voorop Bentinghs Opgaande en aan de Huijsen Huijs en Hof nr. 311 en 312 van Mr. G.J. Oostingh.

Hier Eijndigt Wijk C: